Prolotherapie is een injectiebehandeling die bedoeld is om het lichaamseigen herstelproces te stimuleren bij chronische pijn of instabiliteit van gewrichten, pezen of banden. Het doel van prolotherapie is om structureel herstel van weefsel te bevorderen en zo de oorzaak van de pijn aan te pakken.
De vloeistof die wordt ingespoten bevat meestal een oplossing met dextrose (suikerwater) en soms ook verdoving.
• Dextrose
Dit is een vorm van suiker die het lichaam ook zelf kent. In een hogere concentratie kan het een milde prikkel geven aan het weefsel.
• Verdovingsmiddel (soms)
Soms wordt een kleine hoeveelheid verdovingsmiddel toegevoegd om de injectie minder pijnlijk te maken.
De injectie geeft een lichte prikkel aan het weefsel waar de pees of band beschadigd of verzwakt is. Het lichaam reageert hierop met een herstelreactie.
Door deze reactie kan het lichaam:
• het gebied beter doorbloeden
• herstelprocessen activeren
• het bindweefsel van pezen en banden sterker maken
Zoals bij elke injectie kunnen er bijwerkingen zijn:
• Pijn of gevoeligheid op de plek van de injectie
• Lichte zwelling of roodheid
• Tijdelijke toename van pijn in de eerste dagen
• Een infectie (zeldzaam)
Prolotherapie kan ervoor zorgen dat het weefsel in de knie licht geprikkeld wordt waardoor het lichaam nieuwe collageenvezels aanmaakt. Dit zou het gewrichtskapsel en de banden kunnen verstevigen. Daarnaast zorgt prolotherpaie mogelijk voor het tot rust brengen van overgevoelige zenuwuiteinde welke een rol kunnen spelen bij pijn door artrose. Het wetenschappelijk bewijs over het mechanisme is echter nog beperkt.
• De behandeling geeft over het algemeen weinig bijwerkingen
• De vaak herhaald worden zonder blijvende schade op het weefsel
• Soms heb je meerdere injecties nodig
• Bij ernstige vormen van artrose vaak niet goed werkzaam
Hieronder vindt u een overzicht van artrose (slijtage) van verschillende gewrichten en de effectiviteit van prolotherapie hierop. De gegevens zijn gebaseerd op internationaal gepubliceerde wetenschappelijke data.
Er is voldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van prolotherapie toe te passen bij knie artrose.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is tot op heden onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Let op: het gaat hier om aandoeningen die behandeld en onderzocht zijn in goed uitgevoerde wetenschappelijke studies. Als dit nog niet het geval is, betekent het niet dat een behandeling niet kan werken. Daarnaast gaan uitkomsten van studies over gemiddelde, het kan dus best betekenen dat een behandeling bij u niet werkt, ondanks dat studies laten zien dat het wel effectief is. Andersom kan natuurlijk ook wanneer wetenschappelijke studies laten zien dat het niet effectief is, terwijl het voor u als individu wel kan werken.
Hieronder vindt u de belangrijkste inzichten rondom het gebruik van prolotherapie bij knie artrose:
• Meerdere goede studies laten zien dat prolotherapie leidt tot minder pijn en minder stijfheid als gevolg van knie artrose, zeker vergeleken met placebo of oefentherapie.
• Prolotherapie lijkt even effectief als hyaluronzuur, maar over het algemeen wel minder effectief dan plaatjes rijk plasma.
• De voordelen van prolotherapie lijken in ieder geval 6 – 12 maanden aan te houden na injectie.
• Er zijn nauwelijks tot geen bijwerkingen gemeld in klinische studies.
1. Sit et al. Efficacy of intra-articular hypertonic dextrose (prolotherapy) for knee osteoarthritis: a randomized controlled trial. May 2020. Annals of family medicine.
2. Sit et al. Hypertonic dextrose injections (prolotherapy) in the treatment of symptomatic knee osteoarthritis: a systematic review and meta-analysis. May 2016. Scientific reports.
3. Chen et al. Effectiveness, compliance and safety of dextrose prolotherapy for knee osteoarthritis: a meta-analysis and metaregression of randomized controlled trials. March 2022. Clinical rehabilitation.
4. Sert et al. The effects of dextrose prolotherapy in symptomatic knee osteoarthritis: a randomized controlled study. May 2020. The journal of alternative and complementary medicine.
5. Arias-Vazquez et al. Prolotherapy for knee osteoarthritis using hypertonic dextrose vs other interventional treatments: systematic review of clinical trials. 2019. Advances in rheumatology.
6. Wee et al. Dextrose prolotherapy in knee osteoarthritis: a systematic review and meta-analysis. Aug 2021. Journal of Clinical Orthopaedics and Trauma.
Er zijn een paar, vooral oudere onderzoeken die laten zien dat prolotherapie misschien kunnen helpen bij artrose van het CMC1 gewricht. Echter, de aanwezige onderzoeken zijn van een matige kwaliteit waardoor het onduidelijk is of prolotherapie effectief is bij CMC1 artrose.
• Er zijn geen goede studies gedaan naar het effect van prolotherapie bij bovenstaande aandoeningen.
Bij zenuwcompressie, zoals het carpaal tunnel syndroom of cubitaal tunnel syndroom, raakt een zenuw bekneld of geïrriteerd. Dit kan leiden tot tintelingen, pijn of krachtsverlies. Prolotherapie kan mogelijk:
• De vloeistof duwt als het ware het beklemmende weefsel een beetje opzij waardoor de zenuw meer ruimte krijgt (hydrodissectie)
• Er bestaan verschillende theorieën over hoe glucose werkt op zenuwherstel. Voorbeelden hiervan zijn is dat de bepaalde receptoren worden geblokkeerd waardoor er minder ontstekingsfactoren vrij komen die de zenuw prikkelt of dat glucose zorgt voor extra voeding/ondersteuning aan de zenuw. Echter, dit zijn slechts voorbeelden en geen 1 theorie is echt bewezen.
• Het geeft vermindering van pijn en tintelingen
• Het werkt beter bij vroege of milde beknelling. Een milde beknelling betekent dat er op echografie geen duidelijke compressie zichtbaar is van de nervus medianus in de carpale tunnel.
• Bij ernstige zenuwbeknelling is het effect vaak beperkt of tijdelijk
• Glucose/dextrose zou eventueel kunnen zorgen voor een lichte metabole prikkel die kan leiden tot minder irritatie van de zenuw en de omgeving
• Glucose/dextrose werkt minder anti-inflammatoir dan bijvoorbeeld PRP
• De behandeling geeft over het algemeen weinig bijwerkingen
• De vaak herhaald worden zonder blijvende schade op het weefsel
• Soms heb je meerdere injecties nodig
• Bij ernstige zenuwbeknellingen vaak onvoldoende werkzaam
Hieronder vindt u een overzicht van zenuwaandoeningen en de effectiviteit van prolotherapie hierop. De gegevens zijn gebaseerd op internationaal gepubliceerde wetenschappelijke data.
Er is voldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van prolotherapie toe te passen bij milde carpaal tunnel syndroom.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat het werkzaam of niet werkzaam is.
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar.
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar.
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar
Er is nauwelijks onderzoek naar gedaan en daardoor is er bijna geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar
Let op: het gaat hier om aandoeningen die behandeld en onderzocht zijn in goed uitgevoerde wetenschappelijke studies. Als dit nog niet het geval is, betekent het niet dat een behandeling niet kan werken. Daarnaast gaan uitkomsten van studies over gemiddelde, het kan dus best betekenen dat een behandeling bij u niet werkt, ondanks dat studies laten zien dat het wel effectief is. Andersom kan natuurlijk ook wanneer wetenschappelijke studies laten zien dat het niet effectief is, terwijl het voor u als individu wel kan werken.
Hieronder vindt u de belangrijkste inzichten rondom het gebruik van prolotherapie bij carpaal tunnel syndroom:
1. Zhou et al. Local injection therapy for carpal tunnel syndrome: a network meta-analysis of randomized controlled trial. Aug 2023. Frontiers in Pharmacology.
2. Wu et al. Six-month efficacy of perineural dextrose for carpal tunnel syndrome: a prospective, randomized, double-blind, controlled trial. Aug 2017. Mayo Clinic Proceedings.
3. Li et al. Long-term outcome after perineural injection with 5% dextrose for carpal tunnel syndrome: a retrospective follow-up study. Feb 2021. Rheumatology.
4. Oh et al. Comparative efficacy of 5% Dextrose and corticosteroid injections in carpal tunnel syndrome: a systematic review and meta-analysis. July 2024. Archives of Physical Medicine and Rehabilitation.
Hieronder vindt u de belangrijkste inzichten rondom het gebruik van prolotherapie bij cubitaal tunnel syndroom:
1. Prolotherapie als behandeling van cubitaal tunnel syndroom lijkt in studies een vermindering van pijn en verbetering van handfunctie te geven in vergelijking met een placebo injectie.
2. Prolotherapie lijkt even effectief te zijn als corticosteroïden bij cubitaal tunnel syndroom.
3. Het wetenschappelijk bewijs is daarentegen nog wel beperkt en met een kortdurende follow-up over het algemeen.
1. Mansiz-Kaplan et al. Effect of perineural dextrose injection on ulnar neuropathy at the elbow: a randomized, controlled, double-blind study. Nov 2022. Archives of physical medicine and rehabilitation.
2. Chen et al. Perineural dextrose and corticosteroid injections for ulnar neuropathy at the elbow: a randomized double-blind trial. Aug 2020. Archives of physical medicine and rehabilitation.
Er zijn nog maar weinig studies uitgevoerd naar de effectiviteit van prolotherapie bij meralgia paresthetica. Eén goed opgezette gerandomiseerde studie laat echter zien dat dextrose-injecties effectiever zijn dan corticosteroïdinjecties, met aanhoudende verbetering van pijn en functie tot zes maanden na de behandeling. In de prolotherapiegroep traden geen complicaties op.
1. Shi et al. A randomized double-blind trial of 5% dextrose versus corticosteroid hydrodissection for meralgia paresthetica. Jun 2024. Pain physician.
• Er zijn geen goede studies gedaan naar het effect van prolotherapie op bovenstaande aandoeningen.
Bij peesontstekingen is er vaak sprake van overbelasting of kleine beschadigingen in de pees. Glucose kan ervoor zorgen dat het lokale herstelvermogen van de pees wordt aangezet door een lichte prikkel te geven. Dit kan leiden tot het aanzetten van het maken van nieuw collageen, een belangrijke bouwstof voor pezen. Daarnaast kan het zorgen dat een ontsteking aan de pezen rustig wordt.
Hieronder vindt u een overzicht van ontstoken pezen en de effectiviteit van plaatjes rijk plasma hierop. De gegevens zijn gebaseerd op internationaal gepubliceerde wetenschappelijke data.
De meest recente studies laten een pijnstillend en functie verbeterend effect tot 12 maanden na de injectie.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van Prolotherapie aan- of af te raden.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van Prolotherapie aan- of af te raden.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van Prolotherapie aan- of af te raden.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van Prolotherapie aan- of af te raden.
Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs om het gebruik van Prolotherapie aan- of af te raden.
Let op: het gaat hier om aandoeningen die behandeld en onderzocht zijn in goed uitgevoerde wetenschappelijke studies. Als dit nog niet het geval is, betekent het niet dat een behandeling niet kan werken. Daarnaast gaan uitkomsten van studies over gemiddelde, het kan dus best betekenen dat een behandeling bij u niet werkt, ondanks dat studies laten zien dat het wel effectief is. Andersom kan natuurlijk ook wanneer wetenschappelijke studies laten zien dat het niet effectief is, terwijl het voor u als individu wel kan werken.
Hieronder vindt u de belangrijkste inzichten rondom het gebruik van prolotherapie bij een tennis elleboog:
• Prolotherapie leidt tot meer pijn verminderding en verbetering van functie dan placebo injecties.
• Prolotherapie lijkt even effectief als corticosteroiden injectie.
• Hogere concentraties dextrose (tot 30%) lijken effectiever te zijn dan lage concentraties dextrose (5%) zonder dat het risico op complicaties hoger wordt.
• Alle concentraties dextrose zijn even veilig
• De meeste studies hebben echter wel een beperkte follow-up tot maar 12 weken.
1. Zhu et al. Effect of hypertonic dextrose injection (prolotherapy) in lateral elbow tendinosis: a systematic review and meta-analysis. 2022. Archives of physical medicine and rehabilitation.
2. Akcay et al. Dextrose prolotherapy versus normal saline injection for the treatment of lateral epicondylopathy: a randomized controlled trial. Dec 2020. The journal of alternative and complementary medicine.
3. Bayat et al. Is dextrose prolotherapy superior to corticosteroid injection in patients with chronic lateral epicondylitis?: a randomized clinical trial. Nov 2019. Orthopaedic research and reviews.
4. Ciftci et al. Is low-dose dextrose prolotherapy as effective as high-dose dextrose prolotherapy in the treatment of lateral epicondylitis? A double-blind, ultrasound guided, randomized controlled study. Feb 2023. Archives of physical medicine and rehabilitation.
5. Scarpone et al. The efficacy of prolotherapy for lateral epicondylitis: a pilot study. May 2008. Clinical journal of sports medicine.
Er is te weinig wetenschappelijk bewijs om te zeggen of PRP effectief of niet effectief is bij bovenstaande aandoeningen.